Anne Winkels

Vast

Net als Liz voor een boodschap in een winkel staat, komen er overvallers binnen. Ze wordt gegijzeld. De criminelen nemen haar mee en sluiten haar op. Tussen haar en een van de mannen ontstaat een verstandhouding. Hoe gaat dat aflopen? Download nu.

Wil je meer van deze Pikas lezen ?

Vast

Anne Winkels

Het duurt en het duurt maar. Als Liz op haar horloge kijkt, vliegt de tijd, maar hier in de winkel lijkt hij stil te staan.
‘Het is me toch wat, hè, met Nella van hiertegenover. Drie bypasses.’
‘Nee, hoor, vijf, vertelde haar man mij.’
De vrouw loopt ondertussen naar de toonbank om zich te mengen in het gesprek. Als ze dadelijk maar niet voorkruipt, Liz houdt al haar bewegingen in de gaten.
‘Nella heeft echt op een tijdbom geleefd.’
De sigarenwinkelier doet er nog een schep bovenop. Laat hij zich in hemelsnaam bemoeien met zijn verkoophandelingen. Met het wisselgeld in de hand staat hij te wachten tot de vrouwen het medisch bulletin hebben doorgenomen.
Je zou niet zeggen dat het aantal rokers afneemt. In ieder geval lijken ze massaal te kiezen voor de ondersteuning van de kleine zelfstandige met zijn speciaalzaak. Liz had voor haar postzegels beter naar de super kunnen gaan. De aankoop van een lot zal ze zo meteen maar laten zitten. Dat is altijd goed voor extra minuten babbeltijd, waarin winkelier en klant wegdromen over tropische bestemmingen en nooit meer hoeven werken. De kans op een superhoofdprijs offert ze voor een snelle aftocht.

Pratend lopen twee vrouwen de deur uit. Nog een iemand voor haar, dan is Liz eindelijk. Nu staat ze hier dus al zeker tien minuten. Er is niemand meer binnengekomen. Wanneer ze tien minuten later was gekomen, was ze meteen aan de beurt geweest. Bij de super kiest ze altijd de kassarij die achteraf gezien het langste duurt. Problemen met de kassakorting, een onleesbare streepjescode, iemand die iets hoognodigs vergeten is en daar pas achterkomt als alle spullen al op de band liggen. Ook nu lijkt ze op het verkeerde moment op de verkeerde plaats.
Ze leunt weer op haar andere voet en merkt ineens dat ze haar sleutels luidruchtig beweegt in haar hand. Snel even een paar postzegels halen, een jasje was niet nodig, echt zo’n ouderwets warme zomerdag.
De meerdaagse weersvoorspelling wordt nog even doorgenomen door de man die voor haar aan de beurt is en dan eindelijk: ‘Wat kan ik voor u doen, mevrouw?’
Opschieten, wil ze zeggen. Maar Liz zegt vriendelijk goedendag en vraagt om twintig postzegels. Op zijn gemak trekt de winkelier enkele laatjes open en haalt er een paar velletjes uit. Kleurige zegels stalt hij voor haar uit op de toonbank. Liz ziet prachtvogels, abstracte blokken in lichtgevende kleuren en molens met rood-wit-blauw.
De winkelier doet zijn mond open en ze verwacht een uiteenzetting over de afbeeldingen. Maar hij zegt: ‘Wat een heerlijk weer weer, hè. Alleen jammer dat ik moet werken. Heeft u een vrije dag?’
Dat gaat hem toch niets aan? Maar hij kijkt zo vriendelijk dat ze het niet over haar hart kan verkrijgen dat te antwoorden.
‘Zo’n beetje,’ laat ze in het midden.
Moet ze gaan uitleggen dat ze zo meteen dringend verder moet met dat communicatieplan? De deadline van haar opdrachtgever nadert. Maar hier staat ze gevangen in een beschouwing over een hogedrukgebied dat vast op zijn plek ligt boven het land.
‘Heeft u al uw keus kunnen maken?’
De winkelier heeft blijkbaar toch wel zoveel mensenkennis dat hij langzamerhand in de gaten krijgt dat Liz niet zo gecharmeerd is van smalltalk.
‘Heeft u ook gewone, met een eentje?’
De man kijkt gekwetst, alsof ze net zijn huwelijksaanzoek heeft afgewezen. Hij reikt naar een grotere la achter zich.
Een bonk bij de deur en snelle voetstappen. Ook iemand met haast, denkt Liz nog. Dan is er een arm over haar borst en een in haar rug.
‘Blijf!’
Een schorre stem brult in haar oor. Ze kan ook niet anders, al is haar eerste reactie: wegwezen. Maar ze staat klemvast. Een ander is op de winkelier afgesprongen.
‘Kassa open!’
Het lijkt nog maar een jongensstem. Liz kan niet zien hoe oud hij is, want hij heeft een grote capuchon over zijn hoofd getrokken. Wie haar vasthoudt, weet ze evenmin. Wel was zijn stem zwaarder. Ze begint rond te kijken, spiedend naar camera’s.
De man bij de toonbank zwaait met iets naar de winkelier. Een mes, een vuurwapen? Nog voordat ze het kan bestuderen, heeft haar belager haar hoofd met een ruk weggedraaid.
Hij roept: ‘Opschieten jullie!’
Ze ruikt een geur van sigaretten, goedkope aftershave of gel en daardoorheen een wat versponsde geur van leer. Dat iemand bij zulke warmte een leren jack draagt.

Ze weet niet wat zich buiten haar blikveld afspeelt, maar ze snapt dat de winkelier tijd wil rekken. Vurig hoopt ze dat hij een stil alarm in werking heeft gesteld of dat camerabeelden al een politiemacht op de been hebben gebracht. Of gebeurt dat alleen in films zo snel?
‘De kassa is leeg,’ hoort ze de winkelier tegen de man zeggen. ‘Iedereen pint tegenwoordig.’
Liz weet dat hij in ieder geval een beetje liegt. Ze heeft toch zelf een paar mensen contant zien betalen, euro voor euro uitgeteld zelfs. Geef dat geld nou gewoon, smeekt ze hem in gedachten. Of dat wapen echt is of niet, dit zijn kerels waar je niet mee moet spotten.
Ze houdt niet van misdaadfilms en toch heeft ze de behoefte om te zien wat er nu vlakbij haar gebeurt. Wordt de winkelier ook vastgehouden? Het is een oudere man, sneu als dit je overkomt.


  • app store
  • google play